Detectie en moleculaire karakterisering van circulerende
tumorcellen in perifeer bloed van patiënten met
borstkanker
Borstkanker is de meest frequente vorm
van kanker bij vrouwen. Ongeveer 1/10 vrouwen zal in de loop van
haar leven borstkanker ontwikkelen. Ondanks optimale behandeling
zal 30-40% van de patiënten met een aanvankelijk beperkte tumor
uiteindelijk hervallen of uitzaaiingen op afstand ontwikkelen. Van
deze patiënten wordt gedacht dat ze op het ogenblik van de initiële
diagnose reeds microscopisch kleine uitzaaiingen vertoonden in hun
beenmerg of andere organen.
Onderzoek bij proefdieren heeft aangetoond dat kankercellen echter
eerst in de bloedbaan verschijnen alvorens uitzaaiingen op afstand
optreden. De detectie van dergelijke minimale ziekte in bloed en
beenmerg wordt evenwel sterk bemoeilijkt door een gebrek aan
gevoeligheid en accuraatheid van de huidige beschikbare
opsporingsmethoden. De beschikbaarheid van een real-time
kwantitative reverse transcriptase polymerase chain reaction
(RT-PCR, of ook reverse transcriptase polymerase ketting reactie)
en de mogelijkheid om de expressie van meerdere genen simultaan te
meten, heeft hierin een begin van verandering gebracht. In eerder
onderzoek hebben we aangetoond dat een dergelijke RT-PCR test voor
cytokeratine 19 en mammoglobine (CK-19/MAM) prognostisch superieur
is ten opzichte van immuuncytochemie voor de detectie van
gedissemineerde tumorcellen (DTCs) in beenmerg en ten opzichte van
het door de FDA goedgekeurde CellSearchTM systeem (Veridex, Warren,
NY) voor de detectie van circulerende tumorcellen (CTCs) in
perifeer bloed.
Door de moleculaire karakterisering van CTCs bij patiënten met een
uitgezaaide vorm van borstkanker, wil dit project een set merkers
identifeceren die de gevoeligheid van deze RT-PCR test verder kan
verhogen. Door de vergelijking te maken van het genexpressieprofiel
van boedstalen aangerijkt voor CTCs met het genexpresieprofiel van
de resterende CTC-arme fractie van het bloedstaal, kan een voor
CTCs specifiek genoomoverspannend genexpressieprofiel worden
bepaald. Dit moet aanleiding geven tot de identificatie van een
lijst van genen die specifiek tot expressie komen in CTCs van
patiënten met borstkanker. Kruisvalidatie van de expressie van deze
genen zal gebeuren op weefselstalen van de primaire tumor van
dezelfde patiënten. Door middel van discriminant analyse met het
expressieprofiel van deze genen bekomen bij gezonde vrijwilligers,
kan vervolgens een optimalisering van én het aantal merkers én het
expressieniveau gebeuren om alzo te komen tot een nulwaarde voor
misklassificering van gezonde vrijwilligers (gevoeligheid 100%) en
een zo hoog mogelijke correcte klassificering van patiënten met
borstkanker.